Warning: Undefined property: stdClass::$onload in /home/vislatyn/domains/visserslatijn.nl/public_html/csvdatafiles/csv_vissoortendata.php on line 62
>
PASPOORT

Terug naar de vorige pagina...Opnieuw zoeken

Latijnse naam Leuciscus Leuciscus 
Engelse naam Dace  
Duitse naam  Hasel  
Franse naam Vandoise
Bijnaam Springer, Gruisch
Familie Karpers (Cyprinidae)

WETGEVING
Gesloten tijd Van 01 april tot en met 31 mei
Minimummaat 15 centimeter
Wetgeving Visserijwet 1963 
Flora & Faunawet
Rode Lijst

SIGNALEMENT
Maximale lengte 30 centimeter
Overwegende kleur Zilver met een blauwgroene rug.
Kleur ogen Gelig
Stand van de bek Onderstandig
Aantal schubben op zijlijn -
Vinnen De rand van de rug- en anaalvin is hol ingesneden. 
Bijzonderheden
-


 

RECORDS  
Opname fotorecordpagina's Niet opgenomen
Nederlands Record Nog geen inzendingen
Belgisch Record Nog geen inzendingen

BESCHRIJVING

De serpeling is een slanke vis met een zilverkleurig lichaam. De rug heeft een blauwgroene kleur. De borst- en buikvinnen zijn licht geel, de rest van de vinnen grijsachtig. De vis heeft een gele iris en, dit is misschien wel het beste kenmerk, de bek is onderstandig.
De serpeling wordt vaak verward met de blankvoorn, kopvoorn of alver.
De serpeling is na ongeveer 2 tot 3 jaar geslachtsrijp. De paaitijd ligt tussen februari en mei.

De serpeling voedt zich voornamelijk met watervlooien, algen en klein bodemvoedsel.

De serpeling komt niet echt talrijk meer in Nederland voor. De vis kun je nog in enkele rivieren en beken tegenkomen, vooral in het oosten van Nederland. Ook in de nabijheid van Rotterdam bevindt zich een grote, een in zichzelf standhoudende populatie. Kenners zijn voorzichtig optimistisch dat de vis aan een langzame opkomst bezig is.

De maximale leeftijd van de serpeling ligt rond de 17 jaar. Een grote serpeling is er een van 25 centimeter. Vissen van meer dan 30 centimeter worden zelden gevangen.


VANGSTPROGNOSE