|

BESCHRIJVING
De serpeling is een slanke vis met een zilverkleurig lichaam. De rug heeft een blauwgroene kleur. De borst- en buikvinnen zijn licht geel, de rest van de vinnen grijsachtig. De vis heeft een gele iris en, dit is misschien wel het beste kenmerk, de bek is onderstandig. De serpeling wordt vaak verward met de blankvoorn, kopvoorn of alver. De serpeling is na ongeveer 2 tot 3 jaar geslachtsrijp. De paaitijd ligt tussen februari en mei.
De serpeling voedt zich voornamelijk met watervlooien, algen en klein bodemvoedsel.
De serpeling komt niet echt talrijk meer in Nederland voor. De vis kun je nog in enkele rivieren en beken tegenkomen, vooral in het oosten van Nederland. Ook in de nabijheid van Rotterdam bevindt zich een grote, een in zichzelf standhoudende populatie. Kenners zijn voorzichtig optimistisch dat de vis aan een langzame opkomst bezig is.
De maximale leeftijd van de serpeling ligt rond de 17 jaar. Een grote serpeling is er een van 25 centimeter. Vissen van meer dan 30 centimeter worden zelden gevangen.
VANGSTPROGNOSE
   
|