|

BESCHRIJVING
De baars heeft twee gescheiden rugvinnen, waarvan de voorste is voorzien van harde stekels en een zwarte vlek. Over de flanken lopen zes tot acht donkergekleurde banden. De baars heeft een groenbruine rug, die op de flanken overgaat in een lichtere tot goudachtige kleur. Deze kleur is enigszins afhankelijk van de grootte en de vangstplaats. De baars is na ongeveer twee jaar (mannetjes) en drie jaar (vrouwtjes) geslachtsrijp. De paaitijd ligt tussen maart en april.
De jonge baars voedt zich voornamelijk met plankton. De oudere baars gaat grotere ongewervelden eten en voedt zich meer met vis. Jonge baarzen leven vaak in scholen. De oudere baarzen vaak alleen in dieper water.
De baars komt in vrijwel heel Nederland voor.
De maximale leeftijd ligt rond de 6 jaar. Een grote vis is een baars langer dan 40 centimeter en zwaarder dan 2 pond. Vissen van rond de 5 pond komen echter voor. De vis kan tot 50 centimeter groot worden.
In de periode van 01 juli tot 01 maart is het toegestaan, voor het gebruik als aasvis, maximaal 30 baarzen te bezitten met een lengte kleiner dan 15 centimeter. Meer informatie hierover, zie wetgeving.
VANGSTPROGNOSE
   
|