|

BESCHRIJVING
De bittervoorn is een klein voorntje dat voornamelijk zilverachtig is gekleurd, met een opvallende horizontale blauwgroene streep op de achterzijde van het lichaam vanaf de staartwortel. Het visje heeft een korte, onvolledige, zijlijn en in het verlengde daarvan liggen zo'n 34 tot 38, relatief grote, schubben.
De bittervoorn voedt zich voornamelijk met plantaardig voedsel, dat het tussen stenen vindt. Daarnaast eet het ook dierlijk voedsel in de vorm van wormen en kreeftjes.
Het visje houdt van schone, niet of zeer langzaam stromende wateren en een zandige bodem. Een vereiste is de aanwezigheid van grote zoetwater mosselen in verband met de paai. De paaitijd van de bittervoorn ligt tussen april en juni. In die tijd kan bij het vrouwtje een zogenaamde legbuis worden waargenomen. Met deze legbuis legt zij de eitjes in de kieuwopening van een mossel. De mossel fungeert vervolgens als 'draagmoeder' voor de eieren.
De bittervoorn komt niet echt talrijk in Nederland voor. Met name in (grotere) sloten in Zuid- en Noord-Holland wordt het visje nog waargenomen.
De bittervoorn kan maximaal zo'n 10 centimeter lang worden en zo'n 3 tot 4 jaar oud. Het ontleent zijn naam aan het feit dat het bitter smaakt. Overigens is dat een natuurlijke vorm van afweer tegen predatoren.
VANGSTPROGNOSE

|