Welkom bij Visserslatijn Nederland

Nu op Visserslatijn...

Weekendtip: Noordelijke Hengelsportbeurs Groningen
Hengelsportliefhebbers kunnen dit weekend hun hart ophalen in Martiniplaza Groningen. Dé Noordelijke Hengelsportbeurs staat 31 maart en 1 april weer bol van hengels, dobbers, kunstaas, boten, fishfinders, tentjes, outdoorkleding, visvakanties, hengelsportmagazines en nog veel meer....
Lees meer ...


Leden Login

De eerste keer dat u inlogt, dient u dat twee keer achter elkaar te doen

Account aanmaken

Om in te loggen op deze website, dient u een account aan te maken.

U kunt het gratis account aanmaken op ons forum.

Wachtwoord vergeten

Uw nieuwe wachtwoord wordt per email naar u verzonden.

Letop! Thans buiten gebruik!

Visserslatijn Nederland

Getijdevissen met de feeder dl2

Daar ik geen wedstrijdvisser ben maar wel heel fanatiek vis, dacht ik: “Waarom anderen niet eens laten zien hoe ik vis?” Wat voor materiaal, voer, aas en techniek ik gebruik en het waarom zal ik omschrijven.
Meestal richt ik me op gewicht en aantal is minder belangrijk. Het gaat niet om iets te promoten of reclame te maken, want veel van de dingen die ik gebruik zijn door mezelf ontwikkeld of gemaakt. Het zijn ook geen adviezen die anderen aan moeten nemen. Het is gewoon een uitleg hoe ik het doe.

Door Jos Hol
Deel 1

Omschrijving van de manier van vissen
Om te beginnen wil ik eerst even terug komen op mijn voer.
Het is heel raar, maar op het moment dat ik dit schrijf heb ik een periode van drie maanden achter de rug dat ik zelden of nooit van iemand op gewicht heb verloren.
De zomerperiode heeft dit voer gemiddeld buiten verwachting zeer goed gewerkt. Om mij helemaal te overtuigen ga ik hier nu heel de winter mee door en mijn vermoeden is dat zelfs dan dit voer zeer goed is. Met de ervaring van de laatste tijd begint het me duidelijk te worden dat de standpunten die ik eerst aannam om voer Jos Hollaan te maken, absoluut uit den boze zijn.
Meestal had ik altijd wel iets er bij waar van ik dacht dat het de vis lekker zou vinden. Enkele voorbeelden: koekjesmeel – karamel – knoflook – zout – suiker – bramix – aroma en nog vele anderen.

Ik voelde dat er iets niet goed zat. Na het lezen van een paar interessante onderwerpen op het Nationaal HengelSportForum ben ik al die toevoegingen weg gaan laten.
Met het gevolg dat ik geen piek- of daldagen meer had, maar gemiddeld zeer goed zit met dit voer.
Dit laat onverlet dat er ook andere combinaties zijn die het ook goed doen of beter.

Mijn sterke vermoeden in deze is, dat alle toevoegingen die de andere substanties in je voer kunnen beïnvloeden uit den boze zijn. Doordat alle delen die je gebruikt neutraal zijn kan de vis ze ook afzonderlijk vinden en neemt hij, wat hij op dat moment het lekkerste vind. Doe je er iets bij waar door de reuk of smaak wordt beïnvloed, vindt de vis nog maar één ding, namelijk de reuk of smaak van de toevoeging. Misschien zit ik ernaast, maar de gemiddelde resultaten wijzen in die richting.

Plaats voer
Een van de belangrijkste dingen, vind ik, is zorgen dat je voer op de goede plek terechtkomt en blijft. Je zult de conclusie eerder bij voer misschien al getrokken hebben dat ik met vrij zwaar voer vis.
De vochtigheid van het voer doet de rest. Doordat je met een buiskorfje vist, kun je, als je het goed bevochtigd, het voer heel los naar de bodem brengen, maar ook indien gewenst als een blokje op de bodem laten liggen.
Mijn mening is hoe beter de vis bijt, hoe vaster het voer moet zijn. Tegengesteld: hoe slechter de vis bijt hoe losser het voer.

Bij stroming en de eb en vloed die je op de Maas hebt is het goed een klein beetje stroom opwaarts te gooien. Bij stilstaand water kun je recht vooruit gooien en als de stroom de andere kant uit gaat natuurlijk weer stroomopwaarts. Resultaat is dat je voerplek zo klein mogelijk blijft. Vooral bij wat snellere stroom is een onderlijn tot 1 meter naar mijn mening voldoende.
Geen of een korte lus van soms maar 5cm is belangrijk. Naar mijn mening neemt de vis het aas op en gaat zwemmen. Direct als hij weerstand voelt zal hij weer loslaten. Hoe langer de lus is hoe meer gelegenheid je de vis geeft om weer los te laten zodra hij weerstand voelt.
BrasemMet de korte lus is het anders, de vis neemt het aas op en gaat zwemmen. De vis voelt op een bepaald moment de weerstand, maar het is al te laat want door de korte lus haakt hij zich zelf op de weerstand van de korf. Daarom gebruik ik ook meestal die ankertjes, niet om dat het nodig is voor de stroom maar omdat dan de korf goed vast ligt zo dat de vis goed haakt.
Soms kun je bij stilstaand water ook wel uit de voeten met een onderlijn van ongeveer 1 meter maar dikwijls vooral bij stilstaand water(dood tij) valt de beet weg. De vis zit er wel maar wil niet bijten. Dan probeer maar eens met een onderlijn van 2 meter te vissen. Meestal gaat dit beter.
Mijn mening hierover is dat normaal het aas bij stilstaand water zeer kort bij de korf terechtkomt. Als de lijn langer is, zal hij met het minste beetje trek op het water verder van de korf af komen liggen. Ik denk ook juist dat de vis daarom beter bijt, want anders zou je bij een kortere onderlijn aan het aas kunnen zien of er gebeten was, en dat doet hij meestal niet.

Aas
Het aas zelf kan variërend zijn. Omdat ik meestal geen wedstrijden doe en maar met één hengel vis, kan ik ook gebruik maken van rode maden. Hoewel dit helemaal niet wil zeggen dat de vangst beter is. Dikwijls gebruik ik een combinatie van witte en rode of alleen maar witte maden om de voorn een beetje af te houden waardoor de brasem meer gelegenheid heeft te bijten.
Verder is het uiterst belangrijk naar mijn mening om continu te blijven zoeken naar wat de vis op dat moment het beste lust. Maden, pieren, casters of soms een bolletje voer aan de haak kan goed werken. Soms zijn casters wel nodig om het azen van de vis aan de gang te krijgen. Natuurlijk zijn de meningen hier over verdeeld. Als de vis eenmaal goed bijt is het geen probleem, dan ga ik zoals eerder omschreven zo vast mogelijk op de grond met de korf en gebruik ik zo groot mogelijke haak, soms wel nr. 8.

Onderlijn
Ook de onderlijn is in goede omstandigheden zeer dik om zo weinig mogelijk vis te verliezen. Dit kan wel oplopen tot 0,28mm. Pas als de beet minder is of slecht is, ga ik over op dunnere onderlijn bv. 0,14mm en een kleinere haak nr. 12. Ook kan dan het even goed strak aanhalen van de lijn en weer loslaten stimulerend werken voor de beet.
Bijt de vis echt zeer slecht, wil ik ook nog wel eens proberen de korf bij regelmaat (ongeveer 20 sec) telkens een halve slag van de molen dichterbij te halen, tot maximaal ongeveer 3 meter verplaatsing. Nu niet denken dat je dan een voerspoor maakt want je voer dient na een tiental seconden uit de korf te zijn. Dan buig ik wel even de ankertjes naar achter, zodat de korf beter schuift. Natuurlijk moet ook de bodem daar voor geschikt zijn. Om de vis op zijn plek te houden heeft ook iedereen een andere mening. Ik kijk er zo tegenaan.

Additieven
Bij je voer ook zo min mogelijk of geen overheersende stoffen of toevoegingen gebruiken. De vis mag wat eten van het voer maar mag niet verzadigd worden. Ook door geen overheersende dingen te gebruiken, geef je de vis de kans te zoeken op de bodem tussen verspreid liggende voer wat hij op dat moment het lekkerste vind. En zo als iedereen wel bekend zal zijn kan dat elke dag anders zijn. Gebruik je wel overheersende dingen in je voer b.v. een sterke zoetstof zullen alle bestandsdelen in je voer die stof opnemen. Volgens mij kan je, als je geluk hebt die dag, goed vangen maar als ze dat ene spul die dag niet graag hebben is er een probleem want al je bestandsdelen in je voer zijn er mee aangetast.

Ook pieren knippen in je voer kan goede resultaten geven. Maar ook hier denk ik dat die zelfde regel geldt: niet te veel en niet te lang voor de sessie omdat als je bv. de avond ervoor de pieren geknipt erbij doet, al het vocht uit de pieren is verdwenen en dat je voer weer gaat overheersen.
Beter lijkt mij direct voor aanvang van het vissen de pieren te knippen en tijdens het vissen. Ook geld hier volgens mij weer hetzelfde voor het bijvoeren met maden en of casters. Zoals ik ertegenaan kijk is het niet goed om dit aas de hele tijd in je voer te hebben. De vis is er snel aan gewend. Nee, ik begin altijd zonder maden en casters bij mijn voer maar merk ik dat de vis inactief wordt, dan ga ik drie tot vier keer bij voeren met zo veel mogelijk maden en casters in de korf. De vissen wordt op een of andere manier daar door geïnspireerd en gaan weer in de bodem op zoek naar aas. Ook dit doe ik niet langer dan nodig, pas dan als de beet weer weg valt. Ik noem het wel eens de vis lezen, hij geeft zelf aan wat te doen.

Mocht straks gebleken zijn dat de wijze van vissen ook in de winter goede resultaten geeft, kom ik hier nog op terug.

Ik hoop dat sommigen hier voordeel uit kunnen halen…

QR Code Business Card