Welkom bij

Nu op Visserslatijn...

Utrechtse Hengelsport- en Botenbeurs 2013 groot succes
De Utrechtse beurs opende op vrijdag 8 november in exotische sferen op de klanken van een dans- en muziekgroep. De enigszins rustige vrijdag werd gevolgd door een drukke zaterdag en zondag, waarmee er ruim 16.500...
Lees meer ...


Leden Login

De eerste keer dat u inlogt, dient u dat twee keer achter elkaar te doen

Account aanmaken

Om in te loggen op deze website, dient u een account aan te maken.

U kunt het gratis account aanmaken op ons forum.

Wachtwoord vergeten

Uw nieuwe wachtwoord wordt per email naar u verzonden.

Letop! Thans buiten gebruik!

Visserslatijn Nederland

Actief vissen op zeelt

Al jaren bevis ik, de in mijn ogen mooiste vis van Nederland, de zeelt. Meestal op parkvijvers. Op deze licht tot matig begroeide wateren zijn goede vangsten mogelijk. Deze zomer kwam er echter een nieuw aspect van de zeeltvisserij om de hoek kijken. Het actief struinen op zeelt, in zwaar tot zeer zwaar begroeid water. Een moeilijke, maar buitengewoon mooie en spannende manier van vissen…!!!

Door Pierre
Vissen op zeeltDonkere ruggen
Het begon allemaal in juni van dit jaar. Op een warme ochtend, tijdens het struinen op karper, loop ik langs een parkvijver die bijna volledig dichtgegroeid is. Een dikke groene massa waterpest (hoornblad) maakt het vissen haast onmogelijk. Toch weet ik dat in dit watertje enkele mooie karpers rondzwemmen. Ik speur tussen het wier en in de enkele open plekken. Het water is kraakhelder en ik kijk met gemak op de bodem van het 60 cm diepe plasje. Op een school voorns en een jong snoekje na is er helemaal niets te zien.
Totdat er opeens een deining in het wier te zien is. Ik vermoed dat het een karper is en blijf even kijken of hij misschien het wier uitkomt. Dit lijkt het geval want niet veel later verschijnt er een zwarte vin, en nog een… Maar…Dit zijn geen karpers…, het is een groepje van vijf of zes zeelten. En niet alleen kleintjes…
Met trillende handen zet ik een vlok op de haak, die eigenlijk een maatje te groot is. Ik gooi in, het zachte stukje witbrood dwarrelt verleidelijk naar beneden. De zeelten zijn er echter minder gecharmeerd van en met een grote boog verdwijnen ze aan de andere kant in het wier. Geen enkele zeelt heeft ook maar naar mijn vlok gekeken, iets wat je van de voorns niet kan zeggen. Met zijn dertigen storten ze zich op mijn aas, en dit doet mij besluiten om er snel vandoor te gaan, de zeelten achter me latend. In gedachten zie ik ze echter al in het net liggen…

Echte plantenzeelt
Al diezelfde middag houd ik het thuis niet meer uit. Ik fiets naar het plasje, om zomaar even te gaan kijken. Als ik aankom blijkt dat een of ander eendenliefhebbend persoon de eendjes gevoerd heeft. Echter, zoveel dat ze het niet allemaal op kunnen. Tussen het wier liggen een vijftal plakken witbrood. Voor de voorns zijn deze sneden haast onbereikbaar. Toch zijn er grote kolken onder het brood te zien en als ik wat beter kijk zie ik dat er zeelten onder zwemmen die grote stukken brood wegpakken.
ZeeltvissenIk monteer alleen een haak aan de lijn en gooi in, vlak naast de planten. Bijna direct loopt de lijn weg, regelrecht de planten in. Ik sla aan en aan het heftige bonken op de top te voelen heb ik te maken met een zeelt. Helaas verspeel ik deze vis omdat ik het landingsnet nog niet klaar heb liggen.
Het kraakheldere water is door de dril veranderd in een zwarte modderpoel. Ik zet een klein stokje van een centimeter of drie lang op de lijn. Deze moet als beetverklikker fungeren. Direct na de inworp tikt het stokje, om daarna weer langzaam tussen de planten te verdwijnen. In de zwarte modderwolken –veroorzaakt door de dril van de verspeelde zeelt– krijg ik direct weer beet. Het stokje tikt en loopt dan langzaam weg. En deze zeelt is wel het haasje. Met de grootse moeite weet ik haar uit de planten vandaan te houden en kan ik haar scheppen. Het is een prachtvis. Na deze vang ik in de drie kwartier die volgen nog twee, bijna zwart gekleurde, mannetjeszeelten en sla ik er nog eentje mis. Na de vangst van de laatste van de twee mannetjes zijn de zeelten in geen velden of wegen meer te bespeuren. Maar mijn middag was inmiddels wel geslaagd.
Drie prachtige zeelten, die er stuk voor stuk oud en donker uitzagen. En dat aan de lichte karperhengel met een vlok als aas en een stukje hout als dobber. In een slootje van een goeie halve meter diep en midden op een hete, heldere dag…

Montage
Voor het actief vissen op zeelt tussen de planten gebruik ik een 1-lb karperhengel, een molen met een goede slip, en een 22/100 lijn. Is het water waarin je vist minder begroeid dan gebruik je een matchhengel en een 18/100 lijn. De slip zul je maar weinig gebruiken maar het is toch handig als je een grote zeelt hebt gehaakt. En wie kan zichzelf nou inhouden als er tussen het kroos een karper aan de oppervlakte aan het azen is…?
Als beetverklikker gebruik ik een stokje, een klein, stevig pennetje, of ik gebruik helemaal geen beetverklikker. De haak wordt direct aan de hoofdlijn geknoopt. Kies de haak die je gebruikt zeker niet te klein, anders zul je tijdens een pittige dril vaak een zeelt verspelen.
Als ik een pennetje gebruik monteer ik het lood direct onder de pen. Zo kan het aas heel langzaam en natuurlijk naar beneden zinken.
Kies vooral de stekken waar je (sporen van) zeelt hebt gezien. Bijvoorbeeld belletjes, bewegende waterplanten of en omgewoelde grond. Kun je niets vinden, kies dan de kleine gaten tussen de planten. Soms wordt het aas al tijdens het afzinken gegrepen door een zeelt die stil tussen de planten ligt. Houd daarom goed je lijn of beetverklikker in de gaten.
ZeeltMet een loodje
Voor het vissen in matig begroeid water gebruik ik een andere techniek. Ik maak 2 of 3 voerplekjes die ik omstebeurt bevis. Vaak begint de zeelt al snel te azen en de omhoogkomende belletjes of, als ze echt bezig zijn, schuimplakkaten zijn hier getuige van.
Wat is echter vaak het probleem? Het aas bereikt de bodem niet. Het blijft drijven op de waterplanten die niet te zien zijn omdat ze onder water liggen. Vaak zijn ze vanaf de bodem gezien maar 30 cm lang, maar dit betekend wel dat jouw aas ook 30 cm boven de bodem ligt. Hierdoor zul je stukken minder vangen.
De oplossing is echter net zo doeltreffend als simpel. Stel: je vist in een water van 80 cm diep. Er vanuit gaand dat we met een pen van een halve gram vissen ziet de montage er vanaf de haak gezien als volgt uit:
1. Haak nr. 8 of 10.
2. Loodhagel 0,1 gram op 10 cm van de haak.
3. Een vrij over de lijn schuivend minispeldwarteltje met in de speld
een 5-grams wartelloodje.
4. 0,3 gram aan loodhagels op 40 cm.
5. Pennetje 0,5 gram op 90 cm.

Als het speldwarteltje ook een gewicht van 0,1 gram heeft kan er gemakkelijk van systeem worden gewisseld. Zonder wartelloodje staat de pen perfect omdat er 0,5 gram onder de pen hangt. Met wartelloodje hebben we een zwaar overlood systeem.
Het schuifloodje zakt door de, boven de bodem groeiende, planten heen. Het 10 cm lange stukje lijn met de haak en het aas komt er vanzelf achteraan. Zo komt het aas recht voor de bek van de zeelt terecht.
Het is misschien niet de meest subtiele manier van vissen, maar ik heb nog nooit gemerkt dat de zeelt zich liet afschrikken doordat hij een –toch iets grotere- weerstand voelde.

Met deze beide systemen heb ik flink wat zeelten gevangen. Het is nu wachten op die éne hele grote.
Ik hoop dat u er snel één vangt. Succes!

QR Code Business Card